Bottelare

Wat?

Historiek schrijfwijze

Botelar, Bottelaere

Oorsprong van de naam

‘Bottele’ zou betekenen: een met doornen begroeide plaats; Butte is Hoogduits voor Haagroos of witte doorn. ‘Laar’ verwijst een open plek in een bos of in een moerassig gebied waar het mogelijk is bewoning te voorzien.

Er bestaan ook andere verklaringen voor de naam, waaronder de verwijzing naar ‘both’, wat boerenwoning betekent en vooral in Duitse plaatsnamen voorkomt.

In tegenstelling tot Merelbeke is deze gemeente veel minder waterrijk, op enkel vijvers na en de Molenbeek of Kloosterbeek die in het zuidoosten langs de grens van de gemeente loopt.

Archeologische vondsten: vroege bewoners

Er zijn geen archeologische vondsten te vermelden. De oudste sporen dateren van omstreeks de 11e eeuw.

Middeleeuwen en nieuwe tijd

Bottelare maakte deel uit van het Land van Rode. Op haar grondgebied bevond zich het leen ‘ter Burcht’, met op zijn beurt 19 achterlenen. Hiervan was het ‘Leen ter Heiden’ het belangrijkste. Een andere heerlijkheid was ‘ten Driessche’. Dat beschikte over een gemeenschappelijke graasplaats op ‘de Dries’. De strafrechtelijke uitspraken gingen door in Schelderode met de schepenen van Schelderode, Bottelare, Munte en Makegem. Het patronaatsrecht over de kerk van Bottelare berustte bij de Gentse Sint-Pietersabdij.

In 1460 werd nabij de kerk een motte in leen gegeven waarop de heer van Rode een molen kon voorzien. In de huidige Sint-Annastraat, stond tot 1909 een houten windmolen. Deze werd naar verluid aangekocht en afgebroken door een molenaarsfamilie om het gebruik van de stoommachine in hun mechanische maalderij buiten elke concurrentie te stellen.

Tijdens de godsdienstoorlogen werd Bottelare op 26 mei 1580 geteisterd toen Gentse soldaten vanuit Wetteren naar de omliggende dorpen afzakten. De bevreesde bevolking vluchtte weg en hun velden werden vertrappeld of afgegeten. Daarna maakten achtergebleven inwoners van de gelegenheid gebruik om te roven wat overbleef op de akkers.

Naar aanleiding van het Beleg van Hulst (1645), het laatste grote beleg in de Tachtigjarige Oorlog, verbleven heel wat soldaten van de (protestantse) opstandelingen in het Gentse. In deze periode functioneerden de kerken van Lemberge en Gontrode niet, zodat alle geboorten, huwelijken en overlijdens in de parochie van Bottelare werden genoteerd.

Het mirakuleus beeld van Sint-Anna Bottelare kent een rijke bedevaartgeschiedenis rond de verering van het miraculeuze beeldje van Sint-Anna. Deze gaat terug tot de 16e eeuw. Ter verering van Sint-Anna is zeker al sinds het begin van de 17e eeuw een ommegang met 9 staties en 7 ommegangskapellen voorzien. De kapellen van de Sint-Anna-ommegang werden op 21 21 december 1991 allen beschermd als monument. Vanwege het grote succes werd in de 17e eeuw beslist om de oorspronkelijke 12e-eeuwse Sint-Maartenkerk te vervangen door een nieuwe kerk en deze toe te wijden aan Sint-Anna. De kerk, gebouwd in 1641-1663, en de pastorie van 1773 zijn vandaag beschermde monumenten. Sinds 1732 tot vandaag vindt jaarlijks in Bottelare een pinksterbedevaart plaats van de gemeenten Deerlijk en Sint-Lodewijk.

De Sint-Annakerk domineert het dorp

Het Karmelietenklooster In 1667 werd op de wijk Dries een Karmelietenklooster gesticht, waarvan de paters ondersteuning gaven aan de pastoor tijdens de bedevaarten. Ten gevolge van de Franse overheersing werd de geestelijkheid verjaagd en het klooster aangeslagen en verkocht. Op het einde van de 19e eeuw kwam het door erfenis in handen van Fernand Scribe (1851-1913), zoon van een gegoede Gentse textielfamilie. Hij verbouwde het klooster tot een zomerresidentie waar vele kunstenaars hun toevlucht vonden en konden werken. Het pand werd in de loop der jaren verschillende malen verkocht. In 2003 werd het gerenoveerd en daarna terug bewoond.

Tijdens de invasie van het Franse leger onder leiding van Lodewijk XIV, in het midden van de 17e eeuw, kreeg Bottelare het hard te verduren en werden de inwoners verplicht de soldaten te herbergen en te voeden. In 1684 had een deel van het Franse leger zijn kamp opgeslagen in Gavere. Alle omliggende dorpen, waaronder Bottelare, werden verplicht haver, hooi, vlees en brood te leveren.

Tijdens de Spaanse successieoorlog moest Bottelare mee bijdragen voor de heropbouw van 16 kapotgeschoten woningen in Oudenaarde. Tijdens het beleg van Gent in 1708 waren opnieuw Franse soldaten gehuisvest in Bottelare.

Na het uitbreken van de Franse Revolutie, wilden de Zuidelijke Nederlanden zichzelf in 1790 losmaken van Oostenrijk en Jozef II en riepen ze zichzelf uit tot de Verenigde Nederlandse staten. Bottelare richtte een vrijwilligerskorps patriotten op dat op 12 juli op de Vrijdagsmarkt in Gent trouw zwoer aan de nieuwe statenbond. In december van hetzelfde jaar wist Oostenrijk zijn macht alweer te herstellen.

Op het Koning Albert I-plein staat een oude zomerlinde die mogelijks een vrijheidsboom was en dateert van omstreeks 1831. Vandaag is hij opgenomen in de lijst van het Vlaamse houtig erfgoed.

Nieuwste tijd

Bottelare kende in de 18e en 19e eeuw een ware economische bloei, deels ten gevolge van de bedevaarten. De gemeente was tot de Tweede Wereldoorlog hoofdzakelijk een agrarische gemeente, maar stak op het gebied van economische welvaart regionaal boven de omringende gemeenten uit. In het centrum bevond zich een heel actieve middenstand waar goederen waren te verkrijgen die elders bijna niet te vinden waren. Er was ook industriële activiteit door de oprichting van een confituurfabriekje, een limonadefabriek, een bedrijf voor landbouwmachines en een putboordersbedrijf. Er waren verder een bierbrouwerij en twee stokerijen, naast de landbouwstokerijen die zich verenigden in een landbouwcommissie.

Al in 1808 vroeg het gemeentebestuur de toelating om wekelijks op dinsdag en jaarlijks op derde sinksendag een markt te organiseren. Dat werd pas in 1826 toegestaan. Voor deze gelegenheid werd een deel van het kerkhof veranderd naar een ruimere dorpsplaats. Vandaag bestaan deze markten niet meer.

De O.L.V.-Visitatieschool, vooral gekend als pensionaat voor jongensTussen 1864 en 1866 werd een nieuw klooster, het Gesticht De Volder genaamd, opgericht. De zusters van de kloosterorde van O.L.V.-Visitatie startten er met een kantschool en een meisjesschool, maar werden vooral bekend door hun jongenspensionaat dat tot 1984 bleef bestaan.

In 1906 werd het buitengoed van de Gentse Edmond Verloove aangekocht door de zusters Carmelieten van Douai om er een slotklooster in te richten. Ze verbleven er tot 1923. De voorzijde van het KarmelietenkloosterHet domein werd later aangekocht als buitenverblijf door de Gentse notaris Nève de Mévergnies. Deze werd samen met andere mannen uit Bottelare tijdens de Tweede Wereldoorlog opgepakt door de Duitse bezetter op beschuldiging van verzetsactiviteiten. De opgepakte mannen stierven allen in een concentratiekamp. Na de oorlog kocht het gemeentebestuur de woning van Nève om er een gemeentehuis in te richten. De omliggende gronden werden door de familie verkocht en vervolgens verkaveld.

Vanaf de 17e eeuw tot vandaag levert de familie De Saegher/Pede onafgebroken de notarissen van Bottelare. Sinds de late 19e eeuw domineerde de adellijke familie Stas de Richelle de politieke geschiedenis en leverde van 1885 tot 1959 de burgemeester van de gemeente. De familie Stas de Richelle bewoonde het kasteel van Bottelare dat ze er eind 19e eeuw bouwden. Voor hun komst was het enige resterende kasteel het lustgoed van Jan de Volder, een grondeigenaar van Gent en weldoener voor de gemeente. Dit kasteel is inmiddels verdwenen.

Van 1899 tot 1954 was er een rijkswachtkazerne in de Koningin Astridlaan gevestigd.

De stoomtram rijdt langs de pastorie Bottelare binnenDe stoomtram die sinds 1907 van Gent naar Geraardsbergen reed, had een stopplaats aan het jongenspensionaat, waardoor de gemeente heel veel mobiliteit kende. Vanaf 1954 werden de trams systematisch vervangen door autobussen.

Naar aanleiding van Koninklijk Besluit van 17 september 1975 volgde een fusie met Merelbeke en werd Bottelare in 1977 een deelgemeente.

Contact & openingsurenOpeningsuren en contact

Waar?

Dienst archief
Gemeentehuis (tweede verdieping)
Hundelgemsesteenweg 353
9820 Merelbeke

Openingsuren

Vandaag:Gesloten
Eerstvolgende openingsdag:(21/08) tot (Hulp bij opzoeken)

Contact

  • 09 210 33 05
09 210 32 99
archief [at] merelbeke.be

Bekijk ook

  • Het Land van Aalst was het volledigegebied tussen de Schelde en de Dender.

  • Het Land van rode telde 17 gemeenten en reikte tot Gent.

  • Merelbeke was oorspronkelijk een gebied met enerzijds bossen en heide en anderzijds zeer waterrijke gronden.

  • Lemberge beschikt over uitstekende grond voor landbouw en was tot in de jaren 1970 een agrarische gemeente.

  • Munte is vooral een agrarische deelgemeente.

  • Melsen was altijd overwegend agrarisch en heeft ook vandaag nog een landelijk uitzicht.